De vuistregel is simpel: een halve liter drank per gast per uur. De praktijk is dat niet, want een receptie van twee uur vraagt iets anders dan een bruiloft tot drie uur 's nachts op een warme dag. Zo reken je het uit, en zo weet je welke unit erbij hoort. Alles hieronder is een rekenvoorbeeld; je eigen gasten drinken misschien meer of minder.

Begin met de vuistregel

Reken op 2 consumpties van 25 cl per gast per uur: een halve liter. Bij een open bar of warm weer worden het er 3, dus driekwart liter. Een krat bier is 24 flesjes van 30 cl, dus 7,2 liter; een fust is 50 liter. Wijn en fris tellen gewoon mee in liters.

  • 50 gasten, 4 uur: ca. 100 liter, 14 kratten
  • 100 gasten, 5 uur: ca. 250 liter, 35 kratten
  • 100 gasten, 8 uur: ca. 400 liter, 55 kratten
  • 250 gasten, 6 uur: ca. 750 liter, 105 kratten

Daar komt het eten bij: zuivel, vlees, salades en de taart. Reken voor een buffet voor 100 gasten een paar stapels eurokratten of een kwart van de vloer.

Drie dingen die de vuistregel opschuiven

Het weer. Op een dag van 28 graden gaat er makkelijk de helft meer doorheen dan bij 15 graden. Reken dan met driekwart liter per gast per uur.

De bar. Een open bar met bier en wijn vraagt meer dan een netwerkborrel met koffie en één drankje. Een cocktailbar heeft veel ijs nodig, en dat is een vriesvraag.

De duur. Een feest dat tot na middernacht doorgaat, telt niet alleen meer uren maar ook meer per uur. Reken de laatste uren dubbel.

Rekenvoorbeeld. Bruiloft, 150 gasten, feest van 16:00 tot 01:00 met diner en open bar, warme dag. Negen uur × 150 gasten × 0,75 liter = ca. 1.000 liter, oftewel zo'n 140 kratten. Dat is meer dan de koelaanhanger rijdend meeneemt (75 tot 90 kratten). Laat de drankenhandel dus in etappes bijleveren en vul de koelaanhanger op 4 tot 6 °C ter plekke bij, of zet er een tweede unit naast als je marge wilt.

Van liters naar een unit

De koelaanhanger neemt rijdend zo'n 75 tot 90 volle kratten mee, begrensd door het laadvermogen van 1.309 kg. Op de vloer van 295 × 158 cm passen 35 kratten per laag; op locatie vul je bij. Tot zo'n 250 gasten voor een avond kom je daarmee uit, als de drank in etappes komt.

Is er ijs bij, voor een dessertbuffet, een ijskar of de cocktails, dan zet je de vriesaanhanger ernaast. Die vriest tot −20 °C, maar één temperatuur tegelijk: ijs en bier samen lukt niet.

Staat de catering op een plek waar geen aanhanger van 4,5 meter bij kan, dan is de koelcel DL200 de keuze: 245 cm lang, op de grond, door ons geplaatst.

Voorkoelen en koud inladen

Een unit houdt kou vast; hij is niet gemaakt om een pallet warme kratten af te koelen. Zet de koelaanhanger daarom 3 tot 4 uur van tevoren aan, bij warm weer de avond ervoor, en laat de drankenhandel koud leveren. Iets wat op kamertemperatuur binnenkomt heeft minstens 12 uur nodig om tot in de kern koud te worden.

Twijfel je? Laat het ons uitrekenen

Zet in je aanvraag hoeveel gasten je verwacht, hoe lang het feest duurt en of er ijs bij komt. Dan adviseren wij een unit, en zeggen we ook als één koelaanhanger genoeg is.

Veelgestelde vragen

Hoeveel drank per gast moet ik rekenen?

Als vuistregel een halve liter per gast per uur, oftewel 2 tot 3 consumpties van 25 tot 30 cl. Bij een warme dag, een open bar of een feest tot diep in de nacht reken je ruimer.

Hoeveel kratten passen er in een koelaanhanger?

Rijdend ongeveer 75 tot 90 volle bierkratten, begrensd door het laadvermogen van 1.309 kg. Op de vloer van 295 × 158 cm passen 35 kratten per laag; op locatie vul je bij.

Wanneer heb ik twee units nodig?

Bij meer kratten dan je in etappes kunt bijvullen, of bij twee temperaturen: dranken op 4 °C en ijs op −18 °C gaan niet samen in één unit.

Moet de drank al koud zijn als hij erin gaat?

Liever wel. Een unit is gemaakt om kou vast te houden, niet om een pallet warme kratten af te koelen; dat duurt minstens 12 uur. Laad daarom koud in en zet de unit 3 tot 4 uur van tevoren aan.

Hulp bij de keuze?

Wij rekenen het uit en sturen binnen 24 uur een prijs.

Prijs aanvragen